Wat is autisme?

De term autisme is een verzamelterm. Binnen de geestelijke gezondheidszorg wordt sinds de invoering van het nieuwe handboek voor psychiaters (de DSM 5) de term Autisme Spectrum Stoornis (ASS) gebruikt. Termen die hiervoor gebruikt werden zijn bijvoorbeeld klassiek autisme, het syndroom van Asperger en PDD-NOS.

Andere informatieverwerking

Als je autisme hebt, verwerken je hersenen informatie op een andere manier dan de hersenen van andere mensen. Veel mensen met autisme hebben moeite om van allerlei details in hun waarneming een geheel te maken, een compleet beeld.
Mensen met autisme missen vaak ook een soort filter voor prikkels, wat andere mensen wel hebben. Alle prikkels komen bij hen veel meer binnen waardoor ze sneller overprikkeld zijn. Hun hoofd zit veel sneller vol. Deze dingen kunnen het dagelijks leven ingewikkeld maken.

Door het autisme is plannen en organiseren vaak lastiger. Ook het maken en onderhouden van contact is vaak moeilijker. Door het autisme begrijp je dingen vaak op een andere manier en communiceer je op een andere manier. Dit kan problemen geven in het contact met andere mensen, in de relaties die je met mensen hebt. Iedereen met autisme is weer anders. Ook de mate van autisme verschilt per persoon, en het vermogen om te leren anders met dingen om te gaan.

Autisme gaat niet over

Jij en de mensen met wie je leeft zullen een manier moeten vinden om er mee om te gaan. Het is fijn als je omgeving rekening kan (leren) houden met jouw autisme. En het is fijn als jij wilt leren wat jij anders zou kunnen doen. Als alle partijen hierin samen werken kunnen jullie rekening houden met elkaars zwakke kanten én gebruik maken van elkaars sterke kanten.

Wil je meer informatie over autisme? Lees meer op de pagina links en boeken.

Voor de hulp die ik binnen mijn praktijk bied is geen diagnose nodig. Lees meer meer over diagnose.